01 mei 2009
Gevaar van gif in containers
Er zit gif in containers met consumentenproducten. Dit gif wordt aangebracht om ongedierte en/of schimmel tegen te gaan. Het RIVM onderzocht in 2007 of deze giffen een gevaar kunnen vormen als de producten uit de containers door consumenten worden gebruikt. Het RIVM onderzocht maar één matras en een paar schoenen uit giftige containers. Daarnaast werden gegevens gebruikt van een ouder onderzoek op één andere matras. Na het verschijnen van dat RIVM-rapport ‘De risico’s van milieugevaarlijke stoffen in importcontainers’ in januari 2008, meldde Minister Cramer van VROM aan de Tweede Kamer dat er geen gezondheidsrisico’s zijn voor de consument. Daarom werd geen prioriteit gegeven aan controle op gif in containers en werden containers met gif niet gestopt.
ZEMBLA toonde in de uitzending Gifcontainers van 1 maart 2009 aan dat het rapport van het RIVM naar de risico’s voor consumenten van gif in containers niet representatief en incompleet was. Minister Klink van Volksgezondheid zei na de uitzending ‘gealarmeerd’ te zijn en de Tweede Kamer stelde kritische vragen. Twee onafhankelijk deskundigen, hoogleraren toxicologie Murk (Wageningen Universiteit) en Van den Berg (Universiteit Utrecht), werd om hun oordeel gevraagd.
Onlangs verscheen de evaluatiebrief van minister Klink mede namens minister Cramer van VROM aan de Tweede Kamer. In deze geruststellende evaluatie schrijft de minister dat de deskundigen zouden vinden dat er ‘geen reden is om de risicoanalyse van het RIVM aan te passen.’ De inhoudelijk kritiek van de deskundigen dat conclusies “niet wetenschappelijk en kwantitatief onderbouwd” zijn door het RIVM, wordt niet duidelijk vermeld door de minister.
Ook gaat de minister niet in op de aanbevelingen van beide hoogleraren tot verder specifiek onderzoek om de risico’s beter in kaart te brengen en zelfs een verbod in te stellen op gebruik van gif bij containers met consumentenproducten. De minister kondigt in de zijn brief schijnbaar extra toezicht aan door de Voedsel en Warenautoriteit (VWA), maar omschrijft in feite slechts de voor de hand liggende werkzaamheden van deze controledienst.
‘Brief minister “sneaky” geformuleerd’
Professor Van den Berg zegt in een reactie tegen het programma ZEMBLA dat de brief van de minister “sneaky” geformuleerd is. De minister doet alsof alles in orde is, terwijl het beleid niet deugt. Hij vindt dat de fout vooral bij de betrokken ministeries VROM en VWS gezocht moet worden. Er wordt geen prioriteit gegeven aan het stoppen van containers met gif erin. De ministeries hebben volgens hem te harde beleidsconclusies getrokken op basis van veel te weinig gegevens in het RIVM rapport: “Het belang van volksgezondheid wordt opgeofferd aan economische belangen.” Hij vindt dat de betreffende ministers nog steeds niet voldoende doen om te voorkomen dat gif bij consumenten terecht komt.
Hoogleraar Murk is ook ontevreden over het beleid en de actiebereidheid van de ministeries. De hoogleraar noemt de door minister Cramer aangekondigde 1000 controles op de miljoenen gifcontainers per jaar “een doekje-voor-het-bloeden”. Zij vindt dat de ministers gezien de mogelijke gezondheidsrisico’s voor consumenten moeten zorgen voor duidelijke wetgeving zodat het bedrijfsleven weet welke maatregelen ze moeten treffen. Deze belangrijke aanbeveling wordt niet vermeld door de minister in zijn evaluatiebrief aan de Tweede Kamer.
RIVM-rapport onder de maat
Professor Murk, die in de ZEMBLA-uitzending als deskundige aan het woord kwam, en professor Van den Berg evalueerden het omstreden RIVM-rapport. Hoogleraar Van den Berg zegt dat het RIVM een “dubbelzinnig advies” gaf. Bovendien stelt hij dat conclusies “niet wetenschappelijk en kwantitatief onderbouwd” waren. Ook professor Murk vindt dat het RIVM voorbarige conclusies trok op basis van veel te weinig onderzochte producten. Murk vindt ook dat het RIVM geen goede methode gebruikte om te onderzoeken hoeveel gif er vrijkomt als de consument deze artikelen voor het eerst gaat gebruiken en bijvoorbeeld op een matras gaat liggen. Deze inhoudelijke kritiek op het RIVM-rapport is niet terug te vinden in de evaluatiebrief van de minister. Wel zegt de minister er op toe te zien dat het RIVM in de toekomst meer alert zal blijven op de formulering van conclusies.
Directeur-generaal Sprenger van het RIVM geeft toe dat het onderzoek van het kwalitatief onder de maat is. Dit schreef hij in een evaluatiebrief begin deze maand aan het ministerie van VWS. DG Sprenger legt in de brief niet alleen de bal bij het RIVM neer. Hij verwijst ook naar de ministeries die na het verschijnen van het rapport minder prioriteit gaven aan het stoppen van gifcontainers, terwijl ook zij wisten dat er mager onderzoek aan ten grondslag lag: “Aan het betreffende rapport is uiteindelijk veel gewicht gegeven, terwijl onze gegevens schaars zijn en niet vergelijkbaar zijn met de kwaliteit van risicoanalyses zoals het RIVM die gewoonlijk produceert.”
Minister legt aanbevelingen deskundigen naast zich neer
De minister gaat in de evaluatiebrief niet in op de aanbevelingen van de deskundigen. De deskundigen bevelen aanvullend specifiek onderzoek aan naar de risico’s, en zelfs een verbod op gebruik van giffen bij consumentenproducten.
Hoogleraar Murk stelt dat het gezien de mogelijke gezondheidsrisico’s nodig is om regelgeving op te stellen voor de begassingen van importcontainers. Professor Van den Berg pleit zelfs voor een verbod op deze giffen bij ‘close-contact’ producten zoals matrassen, speelgoed, voedings- en geneesmiddelen.
Zolang deze richtlijnen er niet zijn, vinden de hoogleraren dat er een waarschuwingssticker op consumentenproducten uit zeecontainers moet komen zoals matrassen en kussens, kleding, schoeisel en meubilair. Murk pleitte hier ook voor in de ZEMBLA-uitzending. De deskundigen vinden het noodzakelijk om consumenten te instrueren dit soort producten te laten uitluchten en/of wassen voor gebruik als het uit een container komt.
Minister Klink vermeldt in zijn brief aan de Tweede Kamer niet dat de hoogleraren pleiten voor wetgeving/verbod op het gebruik van deze gifgassen in importcontainers met consumentenproducten. Voor maatregelen wijst hij vooral weer op de eigen verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven. Hij volgt dus geen van de aanbevelingen van de deskundigen op.
Hoge Duitse meetresultaten niet vermeld in RIVM-rapport
ZEMBLA onthulde in de uitzending ook dat hogere Duitse meetresultaten niet waren opgenomen in het RIVM-rapport over de gezondheidsrisico’s van gegaste producten. Het RIVM onderzocht de helft van een matras uit een container met hoge gifconcentraties. Conclusie was dat er na een paar dagen weinig tot geen gif meer vrij kwam. ZEMBLA ontdekte echter dat Duitse onderzoekers de andere helft van precies hetzelfde matras hadden onderzocht en na vijf maanden nog gifwaarden boven de normen vond. Dit werd door het RIVM niet vermeld in het rapport.Hoogleraren Murk en Van den Berg deden onderzoek naar de tegenstrijdige meetresultaten, maar konden geen uitsluitsel geven. De minister schrijft de Kamer als antwoord op de mondelinge vragen dat het Duitse onderzoek sterk in opzet en doelstelling blijkt te verschillen met het RIVM-onderzoek. Hij vermeldt hierbij niet dat de deskundigen niet voldoende gegevens hadden om te beoordelen wat de verschillen tussen de Duitse onderzoekers en het RIVM zouden kunnen betekenen. Ook geeft de minister geen verklaring waarom de Duitse metingen en/of meetgegevens niet in het RIVM-rapport worden vermeld.
>> De brief van minister Klink
>> Evaluatie dossier gegaste containers n.a.v. ZEMBLA (Kamerstuk, 8 april 2009)
>> Resultaten evaluatie rapport 'De risico's van milieugevaarlijke stoffen in importcontainers: De stand van zaken 2007 (Kamerstuk, 7 april 2009)
>> Oordeel van het RIVM over de reactie op het RIVM-rapport over de gegaste containers (Kamerstuk, 7 april 2009) Brief van de Voorzitter Commissie van Toezicht RIVM aan de Directeur-Generaal van het RIVM.
>> Verzoek tot een peer review van het rapport: 'De risico's van milieugevaarlijke stoffen in importcontainers' (Kamerstuk, 13 maart 2009)
>> Peer review van het rapport 'De risico's van milieugevaarlijke stoffen in importcontainers: De stand van zaken 2007' (Kamerstuk, 30 maart 2009)
>> Peer review RIVM rapport 'De risico's van milieugevaarlijke stoffen in importcontainers (2007) (Kamerstuk, 27 maart 2009) Analyse en review door IRAS



